Tuindieren voor dieren: Zoogdieren

terug

Gewone grootoorvleermuis
Plecotus auritus

Wanneer
De Gewone grootoorvleermuis vliegt circa 40 minuten na zonsondergang uit en keert pas nabij zonsopgang terug.

Herkenning
Net iets groter dan de dwergvleermuizen maar kleiner dan de anders vliegende Laatvlieger. De oren zijn opvallend groot, bijna net zo lang als het hele lijf. De Gewone grootoorvleermuis vliegt met varierende snelheden: snel met veel wendingen, dan weer langzaam of zelfs stilstaand. Van andere, veel zeldzamere vleermuizen alleen met een batdetector te onderscheiden.

Leefgebied
Gewone grootoorvleermuizen jagen in steden, parken en bossen. Vooral in de buurt van bomen. Het jachtgebied ligt op minder dan vier kilometer van de zomerverblijfplaats. Dit kunnen zolders, holle bomen maar ook speciale vleermuiskasten zijn. Winterverblijfplaatsen zijn meestal (half) ondergronds gelegen ruimten, zoals kelders, forten, bunkers en grotten.

Voedsel
Grotere insecten, zoals nachtvlinders, kevers en rupsen. De insecten kunnen achtervolgd worden tot in zeer nauwe ruimtes of zelfs van muren worden geplukt.

Opmerkingen
De Gewone grootoorvleermuis is de enige soort die op de Rode Lijst staat en weleens in de tuinen te zien is.