Tuindieren voor dieren: Amfibieën

terug

Voortplanting
Levenswijze
Metamorfose
Winterkwartieren
Soorten

De voortplanting van amfibieën
Amfibieën planten zich altijd voort in het water. Kikkers en padden vormen in de voortplantingstijd zogenaamde kwaakkoren: groepen kwakende mannetjes. Als een vrouwtje bij zo'n koor in de buurt komt wordt ze door een mannetje gegrepen. Deze blijft dan net zo lang op haar rug zitten tot ze de eitjes afzet, soms wel enige dagen. Het kan voorkomen dat een mannetje per ongeluk een ander mannetje grijpt. Met een subtiel kwaakje geeft het omklemde dier te kennen dat hij geen vrouwtje is.

De eitjes worden in het water afgezet, meestal leggen verschillende vrouwtjes de eitjes bij elkaar. Padden leggen de eitjes in lange snoeren, kikkers in kluiten (kikkerdril). Na de voortplantingsperiode verlaten de Gewone pad en de Bruine kikker het water, de Groene kikker blijft er tot september.

Salamanders vormen geen koren. Het mannetje krijgt in de paartijd prachtige kleuren en bredere vinzomen, het zogenaamde bruiloftskleed. Zij spuiten speciale geuren in het water en baltsen voor de vrouwtjes met een kromme 'katten'rug en een wapperende staart. Op deze wijze tracht hij het vrouwtje te verleiden om een doosje sperma van hem op te nemen. Dit gebeurt als het mannetje voor het vrouwtje uit loopt en het doosje op de bodem legt. Het vrouwtje neemt dit doosje op. Ook raakt het vrouwtje regelmatig de flanken van het mannetje aan, waarschijnlijk om de speciale geuren te ruiken. De eieren worden tussen omgebogen bladeren van waterplanten, zoals waterpest en smalbladige fonteinkruiden een voor een afgezet. Na de voortplantingsperiode verlaten salamanders het water.